Een cafébaas als bankier, why (not)?

Geld als een afspraak in vertrouwen

Bruno Iserbyt

15 Feb 2019

Bruno Iserbyt is sinds 2001 actief in de financiële sector en specialiseerde zich in sociale financiering. Hij is bestuurder bij SoCrowd en is daarnaast freelance copywriter. Deze blogpost verscheen eerder op www.zinsmeden.com

Cafépraat

Een Schot, een Brit en een Welshman stappen een pub binnen… Aan de intro alleen al zult u merken dat het hier om een zeer oude mop gaat. De kans dat die drie vandaag samen op café gaan, lijkt even groot als de kans dat het Anderlecht van Marc Coucke dit jaar Belgisch voetbalkampioen wordt.

Eén van de varianten van deze stokoude mop stelt een pertinente vraag: “En waar was de Ier?” Die zat er nog van de avond ervoor…

Er zit een kern van waarheid in. Als in het antieke Rome het Forum Romanum als zenuwcentrum van het sociale, culturele en economische leven dienst deed, dan vervult in Ierland sinds mensenheugenis de pub deze centrale rol. Zich bezatten is hierbij niet uitgesloten, maar de pub is veel meer dan een Iers WMLD (Weapon of Massive Liver Destruction).

Ierse pubs deden gedurende zowat een half jaar dienst als bank- en kredietinstelling

Wat allicht minder bekend is: Ierse pubs deden gedurende zowat een half jaar dienst als bank- en kredietinstelling. Als u aan de gemiddelde centrale bankier of ander zelfverklaard financieel expert vraagt wat er gebeurt als we morgen alle banken zes maand sluiten, dan zullen ze u fifty shades of financial armageddon voorspellen. Toch is dit precies wat in Ierland gebeurde. Tussen 1966 en 1976 waren er drie grote stakingen in de Ierse banksector. De langste, de staking van 1970, duurde zes maanden, van 1 mei tot 17 november.

Tijdens die periode bleek nog maar eens hoe creatief mensen kunnen zijn om hun gewone leven gaande te houden. Toen de in omloop zijnde voorraad cash was opgebruikt, schreven de mensen conventionele cheques uit, uitgegeven door hun banken. Hoewel ze niet konden worden geconverteerd en niemand er zeker van was dat er geld op de rekening stond om de cheque te dekken, vertrouwden heel wat Ieren op de kredietwaardigheid van de tegenpartij.

In tijden waar alarmen en ijzeren rolluiken nog geen gemeengoed waren, hadden kleine kruideniers uiteraard schrik dat de cheques die hen toevertrouwd waren, gestolen zouden worden. Een pubhouder in de Dublinse wijk Liberties – waar u ook de Guinnessbrouwerij vindt – had er een hoop in de schouw verstopt tijdens de zomer. Hij had dit verzwegen voor zijn vrouw. Toen die bij de eerste koude septemberavond de kachel ontstak en de man zich realiseerde dat de cheques die hem waren toevertrouwd – letterlijk – in rook waren opgegaan, kreeg bij ter plekke een hartstilstand.

Een opportunistische renpaardentrainer die een paard wilde kopen en niet over genoeg cash beschikte gaf de verkoper een cheque, hoewel hij wist dat hij niet het geld had om eraan te voldoen. Gelukkig voor hem won het paard een aantal races. Op die manier kon hij zijn cheque uitbetalen en daarenboven een knappe winst opstrijken zonder een cent rente te betalen voor zijn gok.

Mensen gingen uiteindelijk hun eigen cheques maken

Wanneer het conflict binnen de banksector echter bleef aanslepen, gingen mensen uiteindelijk hun eigen cheques maken. Sommige werden van postzegels voorzien om ze een officieel tintje te geven. Zelfs met toiletpapier en sigarendoosjes werden cheques gemaakt.

Hoe hebben begunstigden dit risico gedurende zo'n lange periode beheerd? Plaatselijke pubhouders waren zeer goed geplaatst om de kredietwaardigheid van betalers te beoordelen. John Dempsey, een pub houder in Balbriggan bij Dublin, bijvoorbeeld, was "...in het bezit van cheques voor duizenden ponden, maar ik maak me geen zorgen. De laatste bankstaking duurde 12 weken en ik had geen enkele 'wanbetaler'. ... ik doe het enkel voor mijn stamgasten ... ik weiger mensen die ik niet ken. Ik denk dat ik een paar lokale fabrieken recht heb kunnen houden.”

5 miljard euro

Cafépraat? Volgens de cijfers van de Bank of England wisselde op die manier zo'n £ 3 miljard pond (5 miljard euro) van broekzak terwijl de banken gesloten waren.

"Onderzoek vindt geen bewijs dat het gebrek aan officieel geld een negatief effect had op de detailhandelsverkopen..."

Niet alle transacties gingen via de pub. Winkeliers speelden een vergelijkbare rol en accepteerden ook cheques om contanten terug in de economie te pompen. Al in mei, bij het begin van de staking, hoopte een meute mensen cheques te innen bij Dunnes, het Ierse antwoord op Colruyt. De aanbieders varieerden van een leraar die schuchter zijn maandelijkse salarischeque van £45 bovenhaalt tot de kassier van een productiebedrijf die een cheque voor honderden ponden presenteert om in contanten in te wisselen. “Meestal zijn het onbekenden voor ons en is het natte-vingerwerk om te beslissen of we een cheque accepteren', aldus een kassier.

"...dat wil niet zeggen dat het geschil geen reële economie-effecten had"

Onderzoek vindt geen bewijs dat het gebrek aan officieel geld een negatief effect had op de detailhandelsverkopen in Ierland in 1970. Dit wil niet zeggen dat het geschil geen reële economie-effecten had. Niet iedereen was zo vertrouwend als de verkoper van het renpaard, zoals het regeringsonderzoek door econoom Michael Fogarty aangaf. Transacties van onroerend goed werden geblokkeerd, niet alleen vanwege de moeilijkheid om geld over te maken, maar ook omdat veel documenten zoals eigendomsbewijzen door de banken werden bewaard.

De Ierse aandelenmarkt leed ook zwaar. Volgens Fogarty daalde het niveau van transacties in aandelen met ongeveer een derde. Rentebetalingen op aandelen van de overheid konden niet worden betaald. £41 miljoen aan overheidsleningen moest in juli worden terugbetaald, maar gepensioneerden en anderen die de aandelen aanhielden moesten nog eens vijf maanden wachten omdat de aflossing werd uitgesteld.

Een deel van de kredieten werd niet terugbetaald – een risico inherent aan de geschatte tien miljoen cheques voor de gecumuleerde waarde van meer dan £ 3.000 miljoen die van eigenaar wisselden tijdens het geschil. Bij de bankstaking in 1976 spookten herinneringen aan de ongedekte cheques uit 1970 nog steeds in de hoofden van sommigen. Symptomatisch voor een voorzichtiger gemoedstoestand, was de boodschap van een pubhouder: "De dag dat banken drank serveren, zullen wij cheques uitbetalen!”

Deze Ierse episode leert ons dat geld niets meer om minder is dan een afspraak om iets als betaal- of ruilmiddel te gebruiken. Een afspraak die iedereen kan maken... mits er vertrouwen is.